|
Het terugplaatsbeleid In de loop der jaren is in Voorburg sprake van een steeds terughoudender terugplaatsbeleid: van gemiddeld 2,8 embryo's per terugplaatsing in 1989 tot 1,7 in 2005, een daling van ongeveer 60 %. De belangrijkste reden hiervoor was om het aantal meerlingen terug te brengen. Hoewel er ook een aantal gezinnen zijn met drielingen waar het goed gaat, is toch het risico van een drieling voor de kinderen duidelijk groter, met name wanneer de kinderen voor de 30e week worden geboren. Het percentage drielingen is als gevolg van ons beleid gedaald van 5% van alle zwangerschappen in 1990 tot 0 % in 1995 en vanaf 2004, maar de keerzijde daarvan is wel geweest dat het percentage zwangerschappen per terugplaatsing lager was. Ook het percentage tweelingen is sterk teruggelopen omdat bij geselecteerde patiënten steeds vaker slechts een embryo wordt teruggeplaatst. Toch is met name in 2005 er sprake van een sterk toegenomen 'rendement' van de ingevroren embryo's: 16 % van alle doorgaande zwangerschappen zijn in dat jaar uit cryoterugplaatsingen ontstaan. U kunt alle embryo's terugkrijgen, maar niet in een keer. Verder is het overlevingspercentage ook sterk toegenomen. In 2005 mondden 65 % van alle ontdooiingen ook daadwerkelijk uit in een terugplaatsing, in 2006 is dat tot nog toe 75 % (data tot en met juli 2006) Het terugplaatsbeleid : Hoe meer hoe beter?Hoe meer embryos men per terugplaatsing in de baarmoeder brengt, hoe groter de kans op succes in termen van de kans op zwangerschap per terugplaatsing. Het nadeel is echter dat ook het aantal meerlingen toeneemt. Met name drie- en meer dan drielingen betekenen echter een duidelijk risico, ook voor de moeder, maar vooral voor de kinderen. Bij vroeggeboorte hangt het vooral van de zwangerschapsduur af, wat de risicos voor het kind zijn, en of dit blijvende gevolgen kan hebben voor de ontwikkeling van de kinderen. Om deze reden is het terugplaatsbeleid in Voorburg steeds terughoudender geworden. Van gemiddeld 2,8 embryo's per ET in 1989 tot 2,1 in 1995, een daling van ongeveer 25 % (zie Fig 1)
Figuur 1 : Gemiddeld aantal embryos per terugplaatsing (Emb/ET) in het Diaconessenhuis Voorburg, tussen de jaren 1988 en 1996. In het jaar 1988 vond nog transport IVF plaats naar de Universiteit van Rotterdam, waar de IVF zelf, en de terugplaatsing werd verricht. Het aantal voor terugplaatsing beschikbare embryos nam in dezelfde periode gestaag toe, zoals is te zien in figuur 2:
Fig 2: Aantal per terugplaatsing beschikbare embryos over de jaren 1988 tm 1996 Het voordeel van dit beleid was wel dat het percentage drielingen sterk is afgenomen, maar het nadeel was ook dat de kans per terugplaatsing, en dus ook per cyclus afnam.
Figuur 3: Percentage drielingen van alle klinische zwangerschappen over de jaren 1988 tm 1996. Conclusie: Hoe meer embryos men terugplaatst, hoe groter de kans op zwangerschap. Het nadeel is echter dat ook de kans op grote meerlingen toeneemt. Werd in het begin van de jaren 90 nog 5% kans op een drieling acceptabel geacht, heden wordt vaak gesteld dat 1 % van de zwangerschappen acceptabel is. Bij het beoordelen van succeskans dient dan ook het terugplaatsbeleid te worden betrokken. In toenemende mate plaatsen wij een embryo terug. In 2005 werd in 29 % van alle cycli slechts een embryo teruggeplaatst, hetzij omdat de kans op een meerling te groot werd geacht (dus bij jonge patiënten met meer dan een TOP embryo- ESET) hetzij omdat het risico van een meerlingzwangerschap te groot werd geacht (bijvoorbeeld bij patiënten met een vormafwijking van de uterus zoals een eenhoornige baarmoeder of een DES uterus, genaamd CSET). De resultaten zijn over de loop van de jaren steeds beter geworden, en met name de toegevoegde waarde van het terugplaatsen van Cryo- embryo's is steeds ,meer toegenomen. Het gaat uiteindelijk om een gezond kind in de wieg bij een minimum aan complicaties; het maakt ons niet zoveel uit dat je daar soms wat meer behandelingen voor nodig hebt. Voorburg, CAM Jansen, juni 1997, update 28/08/2006 |
|
Please send mail to keesj@rdgg.nl with questions or comments about this Web- Site Disclaimer:This information is not intended as a substitute for medical advice of physicians. The reader should regularly consult a physician in matters relating to his or her health and particularly with respect to any symptoms that may require diagnosis or medical attention. © Stichting Medische Voortplanting Voorburg. This material is copyright protected; improper or unauthorized use is an infringement of copyright-laws and is an actionable offense. Original information from this Web-site can only be used if the source is clearly cited. |