Indicaties voor IVF
        Tubapathologie
        Endometriose
        Hormonale stoornissen
        Idiopathische infertiliteit
        Therapieresistente Cervical hostility
        Spijtoptanten
    Voorzorgsmaatregelen/ Uitsluitingscriteria
    Beoordeling door IVF commissie.

Indicaties voor IVF

Bij het beoordelen van de indicatie voor een IVF behandeling dient de maandelijkse zwangerschapskans (monthly fecundity rate, MFR) te worden afgewogen tegen de kans op zwangerschap bij een IVF behandeling, waarbij bij de beoordeling de belasting en de risico's van de behandeling mede betrokken moet worden. De kans per maand op een spontane zwangerschap is afhankelijk van de oorzaak van de onvruchtbaarheid: bij tubaocclusie is deze nihil; bij andere indicaties neemt deze af naarmate de tijd verstrijkt. Zie hierover onze aparte Web-pagina.

Het onderstaande indicatiegebied en de daarbij per indicatie gehanteerde tijdsduur dient in het licht van bovenstaande te worden gezien.

De volgende indicaties voor IVF worden in het Centrum in Voorburg gehanteerd:

Tubapathologie

-als er sprake is van volledige tubaocclusie en verwacht mag worden dat IVF succesvoller is dan tubachirurgie wordt het paar direct geaccepteerd.
-als er sprake is van verminderde tubafunctie dient de onvervulde kinderwens tenminste 2 jaar te bestaan.
-na tubachirurgie zijn de bevindingen bij het postoperatieve HSG van belang. Is de operatie evident mislukt dan wordt het paar direct geaccepteerd, maar als er doorgankelijkheid is verkregen komt het paar 2 jaar na operatiedatum voor IVF in aanmerking.

Endometriose

- Bij zeer lichte vormen (AFS graad 1) is nog steeds onbekend of, en in welke mate, behandeling noodzakelijk is. Wanneer in onbehandelde gevallen geen zwangerschap is ontstaan kan na vier jaar het beleid als bij de idiopathische infertiliteit worden gevolgd.
-bij lichte endometriose (AFS graad 2) verdient medicamenteuze behandeling de voorkeur. Als er 2 jaar na deze behandeling nog steeds geen zwangerschap is opgetreden wordt het paar geaccepteerd voor IVF-behandeling.
-bij ernstige endometriose (AFS graad 3 en 4) verdient operatieve behandeling, al dan niet aangevuld met medicatie, meestal de voorkeur. Ook dan kan IVF worden toegepast als er 2 jaar na de behandeling geen zwangerschap is ontstaan.
-Bij ernstige endometriose gepaard gaande met adhaesievorming wordt het beleid gevolgd als bij 5.1.1.

Mannelijke subfertiliteit m.u.v. indicaties voor ICSI (zie aldaar)

-Als de ongewenste kinderloosheid uitsluitend door verminderde semenkwaliteit lijkt te worden veroorzaakt dient de infertiliteit tenminste 3 jaar te bestaan.
-Bij combinaties met meerdere fertiliteitsbepalende factoren wordt individueel beoordeeld in welke mate deze bijdragen aan de subfertiliteit. Wij verwijzen daarvoor naar de betreffende paragrafen.
-Wanneer een indicatie bestaat voor inseminatie met donorsemen, en de betreffende behandeling na ten minste 12 behandelmaanden niet tot het gewenste resultaat heeft geleid.

Hormonale stoornissen

-LUF cycli. Bij een infertiliteit van tenminste twee jaar, waarbij na een volledig screenend fertiliteitsonderzoek tenminste 3 maal in 6 gemonitorde cycli een LUF (Luteinizing Unruptured Follicle) cyclus is aangetoond kan het paar voor IVF in aanmerking komen.
-PCO syndroom. Patiëntes bekend met een niet adequaat te behandelen PCO syndroom kan na de gebruikelijke therapie bij een infertiliteitsduur van ten minste 2 jaar IVF worden toegepast.
-Therapieresistente anovulatie. Vrouwen met medicamenteus niet- of inadequaat te behandelen anovulatie waarbij niet tot dominantie van één of een gering aantal follikels gekomen kan worden, maar waarbij wel follikelvorming kan optreden vallen onder deze indicatiegroep.

Idiopathische infertiliteit

Als bij het volledige screenend fertiliteitsonderzoek geen afwijkingen worden gevonden en de kinderwens is 4 jaar of langer aanwezig kan IVF worden toegepast.

Therapieresistente Cervical hostility

In geval van niet behandelbare cervical hostility van 2 jaar of meer kan IVF worden toegepast wanneer geen resultaat wordt bereikt na ten minste 6 cycli intra uteriene inseminaties IUI)

Spijtoptanten

Bij vrouwen die na een sterilisatie toch weer kinderwens hebben dient eerst te worden beoordeeld of de sterilisatie herstelbaar is. Bij sterilisatie middels Falope ringen(r) of Filshie clips(r) wordt aan een end-toend anastomose de voorkeur gegeven, bij status na tubacoagulatie en lusresectie wordt middels een laparoscopie beoordeeld welke therapie de voorkeur verdient. Als de sterilisatie niet operatief te herstellen is kan IVF worden toegepast.


Voorzorgsmaatregelen/ Uitsluitingscriteria

Wanneer patiënten tot één van de bovenvermelde indicaties behoren kan aan een behandeling worden begonnen. In principe kan aan een behandeling worden begonnen wanneer de vrouw het veertigste levensjaar nog niet heeft bereikt. Tussen het veertigste en tweeenveertigste kan de behandeling uitsluitend plaatsvinden wanneer aan een aantal voorwaarden is voldaan, en tussen het tweeenveertigste en vierenveertigste is de behandeling alleen in bijzondere uitzonderingsgevallen toegestaan.

Uitgesloten zijn de volgende categorieën:

Paren die weigeren deel te nemen aan de verplichte screening op hepatitis B, lues en AIDS.
Paren bij wie bij één of beide partners de HIV-test positief is.
Bij een positieve HBsAg test wordt behandeling pas aangevangen na eventuele vaccinatie van de partner. Bij positieve lues serologie wordt dermatologische analyse verricht, en kan de behandeling pas aanvangen na behandeling of indien dragerschap is uitgesloten.

Beoordeling door IVF commissie.

Wanneer een paar niet aan één of meer van de vermelde criteria voldoet, en desondanks in aanmerking voor behandeling wil komen, kan de casus worden voorgelegd bij de onafhankelijke commissie van deskundigen. Deze kan beslissen dat een paar toch in aanmerking kan komen voor behandeling, of het paar afwijzen. De grootste groep die hiervoor in aanmerking komt is de groep paren waarvan de vrouw 40 jaar of ouder is èn paren die een kortere infertiliteitsduur hebben dan de protocollair voor hun indicatie is vastgelegd.

 

Please send mail to keesj@rdgg.nl with questions or comments about this Web- Site

Disclaimer:This information is not intended as a substitute for medical advice of physicians. The reader should regularly consult a physician in matters relating to his or her health and particularly with respect to any symptoms that may require diagnosis or medical attention.

© Stichting Medische Voortplanting Voorburg. This material is copyright protected; improper or unauthorized use is an infringement of copyright-laws and is an actionable offense. Original information from this Web-site can only be used if the source is clearly cited.