|
Indicaties voor ICSI ICSI kan geïndiceerd zijn in die gevallen waar de bevruchtingskans via andere wijze verwaarloosbaar klein is. Uitgangspunt is dat er geen noemenswaardig verhoogd risico mag zijn op een kind met congenitale afwijkingen. Indicaties Te slecht semen voor reguliere IVF. Als bij herhaling te weinig goede zaadcellen overblijven voor reguliere IVF. Na opwerken van het semen dienen ten minste één miljoen goed motiele zaadcellen aanwezig te zijn. Indien aan deze voorwaarde niet kan worden voldaan kan ICSI worden toegepast. Herhaalde Total Fertilisation Failure, TFF. Naarmate het aantal mislukte bevruchtingen toeneemt neemt de kans dat bevruchting ook bij daaropvolgende IVF pogingen niet lukt, toe. Ook deze paren bereiken veel betere resultaten bij ICSI. Paren met- bij herhaling- bevruchting van minder dan 5 % van alle verkregen eicellen. Dit wil zeggen dat uit ten minste twintig eicellen slechts een embryo verkregen is. Paren waarvan de man voor IVF marginaal semen heeft, en waarbij geen bevruchting in de eerste poging optreedt. Vaak is het semen wisselend van kwaliteit, en schommelt het aantal rond de ondergrens. IVF wordt dan wel eens geprobeerd, maar het paar wordt medegedeeld dat de kans op bevruchting kleiner dan gemiddeld is. Als eenmaal een TFF is opgetreden bij marginaal semen, kan de tweede maal ICSI worden toegepast. Bij herhaling meervoudige bevruchting. Wanneer bij herhaling te veel zaadcellen door de schil binnenkomen, (dit komt tot uiting met het verschijnen van meerdere voorkernen de dag na de IVF behandeling- polyploidie genaamd) kan ICSI uitkomst bieden: op deze wijze wordt immers slechts één zaadcel geïnjecteerd. Overigens kan ook bij ICSI polyploidie voorkomen, maar dat wil zeggen dat de eicel het dubbele aantal chromosomen had vanaf de start. Voorwaarden In geval dat sprake is van onbegrepen slecht semen wordt een genetische screening geadviseerd. Hierbij wordt het aanbod gedaan van een chromosoomonderzoek alsmede onderzoek op dragerschap van de meest voorkomende genetische afwijkingen die verantwoordelijk zijn voor de aandoening. Wanneer sprake is van een congenitale uni- of bilaterale afwezigheid van het vas deferens dient een screening op CF genmutaties bij de vrouw te worden uitgevoerd. Wanneer beiden drager zijn van een CF genmutatie, of als zodanig te beschouwen zijn, wordt geen ICSI toegepast. Uitsluitingscriteria De behandeling kan uitsluitend worden toegepast bij vrouwen met een leeftijd tot 40 jaar, en uitsluitend op passende medische indicatie. Vanzelfsprekend zijn alle voorwaarden en uitsluitingscriteria die voor IVF behandelingen gelden ook op de ICSI behandeling van toepassing.
|
|
Please send mail to keesj@rdgg.nl with questions or comments about this Web- Site Disclaimer:This information is not intended as a substitute for medical advice of physicians. The reader should regularly consult a physician in matters relating to his or her health and particularly with respect to any symptoms that may require diagnosis or medical attention. © Stichting Medische Voortplanting Voorburg. This material is copyright protected; improper or unauthorized use is an infringement of copyright-laws and is an actionable offense. Original information from this Web-site can only be used if the source is clearly cited. |